kolff: biographies: 1939-1950: johannes marius (4)

kolff family coat of arms

1939-1950: Johannes Marius (4/6)

Welcome: News Association Members De Colve Genealogy History Biographies Contact Links Search Dutch
    Intro Biographies New Zealand Algeria 1921 1939-1950 Deil Branch      
      Start 1939-1950 Editor's Intro In Memoriam Overview Reports    
BERICHT van den Res. Luitenant Kolonel J.M. KOLFF, Commandant van het 46e Regiment Infanterie - | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 |
< Previous (3) Next (5) >
Zondag 12 Mei 1940, Eerste Pinksterdag.
Om ca. 11.00 treedt de vijand opnieuw tegen mijne voorposten op, thans tegen de opstellingen nabij de Halte Opheusden aan den Spoorbaan Nijmegen Kesteren. Ons pantserafweergeschut stelt eenige vij. gepantserde auto's buiten gevecht. Deze opstelling ligt daarna onder een zeer hevig Duitsch artillerievuur, waardoor een kanon vernield wordt, doch de bediening ongedeerd te voorschijn komt. Een ander stuk wordt door mij ter vervanging gezonden. Om 11.25 is de telefoonverbinding met de Voorposten wederom verbroken. Toch ontvang ik het bericht, dat de vijand tegen den middag tegenover de Vpn. is geweken en trachten mijn Wielrijders patrouilles opnieuw voeling met de Duitschers te krijgen. Om 17.00 wordt mij bericht, dat vijandelijke pantserwagens oprukken van Zetten naar Andelst.
Dit wat de voorpostenstrook aangaat. De beide vakken van de Hoofdweerstandsstrook hebben zoowel gedurende den morgen als den namiddag herhaaldelijk aan vij. artilleriebeschietingen bloot gestaan, zonder dat noemenswaardige schade werd aangericht.
Te 17.30 bleek uit binnengekomen berichten, dat de vijand ten Noorden van den Rijn was doorgedrongen tot in de oostrand van de Grebbebosschen.
Dit gaf mij aanleiding om in de opstelling van mijn regiment eenige ingrijpende veranderingen aan te brengen.
I. De Regiments reserve, bestaande uit een tirailleurcompagnie met toegevoegde wapenen, welke vóór en achter den hoogen spoordijk Kesteren Rhenen front OOST was ingegraven, deed ik van front verwisselen. Dit detachement, nog versterkt met eenige Pantserafweerkanonnen, ontving de opdracht stelling te nemen achter de Marsdijk (een dijk zuid van en evenwijdig aan den Rijn) à cheval van den spoordijk Kesteren-Rhenen, front NOORD. Hoofdtaak beletten, dat vijandelijke strijdkrachten den Rhenenschen spoorbrug en den Rijn zuidwaarts overschrijden. De benaming Regiments reserve werd gewijzigd in Detachement Rhenensche Spoorbrug.
II. Om mijn langen open linker flank aan den Rijn en tegenover den Grebbeberg tusschen voorposten en frontlijn te dekken vroeg en verkreeg ik van den Brig. C.versterking uit de Brigade-reserve en wel een mitrailleurcompagnie. De commandant kreeg opdracht den vijand te beletten den Rijn te overschrijden en voorts alle zich op den rechter Rijnoever vertoonende vii. doelen onder vuur te nemen.
  This page: Down
Maandag 13 Mei 1940, Tweede Pinksterdag.
Na een rustigen nacht werd vanaf 5.00 een hevig geschutvuur gehoord uit noordelijke richting.
Om 7.50 bericht ontvangen van C. rechter neven regiment (44 R.I.) dat hij onder vijandelijken druk zijne voorposten heeft moeten terugnemen.
Een vijandel. batterij, gedurende den nacht aan de overzijde van den Rijn, ter hoogte van het Pontveer naar Opheusden in stelling gekomen, wordt door ons artillerie en infanterievuur gedwongen zich naar Wageningen terug te trekken. Alle vijandel. verkeer van automobielen, patrouilles, ordonnansen langs den Rijndijk, zuidel. van den Grebbeberg wordt door ons vuur onmogelijk gemaakt. Wel bestrijdt de vijand ons met mortiervuur, hetgeen ons eenige gewonden kost.
Sedert omstreeks 8.00 zijn de telefonische verbindingen met alle ondercommandanten verbroken. Berichten gaan thans per motor ordonnans en naar de Voorposten ook per postduif, hetgeen zeer omslachtig en tijdroovend is.
Om 12.18 bericht ontvangen van regimentsuitkijkpost (Reg. U.P.) dat Rhenen en het terrein noord hiervan onder hevig vij. avu. ligt. Onder verwijzing naar dit bericht en andere soortgelijke mededeelingen door mij ontvangen, dat vij. troepen in de richting van Rhenen oprukken wordt door mij aan C. Brig. A. voorgesteld C.-IV Div. te verzoeken de Rhenensche spoorbrug te doen springen. Om ik van C. Brig. A. bericht, dat mijn voorstel aan C.-IV Div. is doorgezonden.
Om 13.30 wordt mij door mijn Reg. U.P. gemeld, dat op ca. 200 M. oost van de Kerk van Rhenen hevig door de Nederlandsche troepen met de Duitsche wordt gevochten. juist toen ik om ca. 14.00 mijn zeer hoog gelegen uitkijkpost beklom, verschenen achter elkaar 27 zware Duitsche bommenwerpers, die op den westrand van den Grebbeberg hunne bommen afwierpen. Enorme hooge zwarte rookkolommen, waaruit hier en daar de vlammen hoog oplaaiden, zijn zichtbaar.
Om 16.20 ligt het detachement Rhenensche Spoorbrug onder zeer zwaar artillerlevuur. Even later blijkt, dat onder dekking van dit vuur Duitsche troepen met zware mitrailleurs het noordelijk bruggehoofd van de brug, zoomede de brugwachtershuisjes hebben bezet. Welgerichte schoten van een sectie 46 Comp. Mortieren doet de huisjes inééntuimelen.

Ik heb nog niet vermeld, dat op 11 Mei om 13.40 het Opheusdener Pontveer nog onvermeld en in alle rust aan den noordel. Rijnoever lag. Toen op mijn verzoek aan C. IV Div. door tussenkomst van C. Brig. A. ruim 4 uren later nog geen gevolg was gegeven om de pont te doen zinken, heb ik C. Vak De Spees opdracht gegeven de pont door vuur van Zware Mitrailleurs onklaar te maken. De pont trotseerde echter deze kogelregen. Daarop is om 18.38 de pont door middel van een Pantserafweerkanon tot zinken gebracht. En juist in tijds.

This page: Up - Down
Keer ik thans tot de Rhenensche Spoorbrug terug. Op dezen 13 Mei had ik van C. Brig. A. om 12.32 de mededeeling ontvangen, dat mijn verzoek om de brug tot springen te brengen aan C. IV Div. was doorgezonden. Toen om 16.20 Duitsche troepen het Noordel. bruggehoofd trachtten te bezetten, was de brug dus nog steeds intact. Om 17.58 meldde C. Detachement Spoorbrug, dat de ploeg door de IV Div. uitgezonden om de lading onder de brug tot ontsteking te brengen, niet zou slagen en sterk gehinderd werd door vijandel. beschieting. Ik heb toen C. Brig. A. voorgesteld om de springlading door middel van artillerievuur tot ontsteking te brengen en daartoe enkele kanonnen van de Afd. rechtsstreeks steunende artillerie naar voren in stelling te brengen. Dit verzoek werd ingewilligd. Het duurde echter nog tot 19.15 en ik begon al aan eenig succes te wanhopen, toen mij vrijwel gelijktijdig de Reg. U.P. en C. Detachement Rhenensche Spoorbrug berichtten, dat een boog uit de brug en een peiler vernield waren.
Alsof ik het nog niet volhandig genoeg had met mijn bedreigden open linker flank, nu de geheele Grebbeberg in 's vijands handen was en de Duitschers de geheele Betuwe aan hunne voeten zagen liggen, komt om 16 50 het bericht binnen van het rechter neven regiment (44 R.I.), dat de toestand in dit vak slecht is, dat de vijand ten O. en ten W. van Ochten de frontlijn heeft doorbroken en dat standgehouden zal worden in de stoplijn.
Opnieuw moesten ingrijpende maatregelen worden genomen. Teneinde aan een bedreiging van mijn zuidelijken flank het hoofd te kunnen bieden, stopte ik dit gat tusschen de inundatie en mijn stoplijn met twee tirailleursectiën, een sectie zware mitrailleurs en twee pantserafweerkanonnen, onttrokken aan de tusschenverdediging. Daarop verzocht ik om 16.55 aan C. Brig. A. machtiging om mijn voorposten te mogen terugnemen en deze aldus vrijkomende troepen als een nieuwe regiments reserve op te stellen in de boomgaarden, noordelijk van den kunstweg Kesteren-Lienden bij de driesprong van wegen N.O. van Aalst. Mijn voorstel wordt door den Brig. C. goedgekeurd.
Om 17.00 gaan de vereischte bevelen uit aan C.- Voorposten tot het innemen van de nieuwe opstelling. Evenzoo krijgen de commandanten van de vakken De Spoorbaan en De Spees hunne aanwijzingen en worden zij' in,gelicht omtrent de nieuwe situatie.
Persoonlijk zie ik de toestand, waarin ons Veldleger is komen te verkeeren, als ongunstig. Natuurlijk laat ik deze meening niet blijken. Ik verwacht, dat ons geheele Veldleger gedurende den nacht zal moeten teruggaan, misschien wel tot in de Vesting Holland.

Nadat ik al de boven aangegeven maatregelen had genomen, bleef het verwonderlijk rustig in mijn vak. Ik achtte dit een juist oogenblik om met mijn belde bataljonscommandanten de situatie onder de oogen te zien; hen nu reeds de noodige maatregelen in overweging te geven, die zij na ontvangst van mijn eventueel Bevel voor een Terugtocht zouden hebben te nemen. Voor alles wenschte ik eenheid in de uitvoering en de noodige voorzieningen, dat de terugtrekkende colonnes op de weinige oost west loopende polderwegen, elkaar niet zouden hinderen. Ook over de taak en de samenstelling van het achter te laten Scherm, over de daarbij in te deelen officieren en over het handhaven van een goede marschdiscipline wilde ik mijne opvattingen ten beste geven.

Het beoefenen van een "Terugtocht" had ik meerdere malen op mijn Oefenprogramma geplaatst, doch steeds was dit punt geschrapt. De terugtocht mocht klaarblijkelijk niet worden beoefend! Te elfder ure moest ik nu wel mijn belde ondercommandanten een korte theorieles geven.

This page: Up - Down
Zoo had ik om 18.00 een bespreking met C. 11 46 R.I. (C. Vak De Spees) en om 18.25 voerde ik een overeenkomstig gesprek met C. III 46 R.I. (C. Vak de Spoorbaan).
Klokslag 19.00 was het uit met de rust en brak de hel plotseling over mijn geheele vak los.
C. Vak De Spoorbaan meldt om 19.00 "Hevig vijandelijk artillerievuur uit de richting Druten."
C. Vak De Spees meldt om 19.05: "Liggen onder hevig vijandelijk artillerievuur uit de richting, Wageningen."
En vrijwel gelijktijdig bengsde en kletterde het ook rondom mijn Commandopost uit de richting Grebbeberg.
Om 19.30 ontving ik van C. Brig. A. de Bevelen voor den Terugtocht, bevelen welke ik helaas al had verwacht. De terugtocht moest onmiddelijk worden aangevangen, met dien verstande, dat de lijn Tiel-Ameropgen niet voor 22.00 mocht worden overschreden.
Nadat ik de bevelen voor den terugtocht aan C. Staf 46 R.I. en aan Cn. 11 en 111 46 R.I. had verstrekt, werd begonnen de Commandopost te ontruimen.
En zoo moest ik een stuk van de Betuwe aan den vijand prijs geven, een stuk vaderlandschen bodem, dat mij in al die maanden lief was geworden.
Maar ik moest ook een landstreek prijs geven, waaraan de "Oudste tak" van ons geslacht met zoovele banden is verbonden sedert in 1670 Ds. Gualtherus Kolff een beroep te Vuren en Dalen aannam en zijn zoon Ds. Georges Justinus in 1699 te Brandwijk werd beroepen en daarna te Spijk. Vele verwanten hebben in latere jaren als dijkgraven en heemraden van de Tielerwaard hun sporen verdiend; anderen hebben functies in de Lands en Provinciale regeeringen bekleed. Maar er waren ook schouten en burgemeesters en de gemeente Deil kent sedert 1804 een schout, later een burgemeester Kolff, dus thans meer dan 150 jaren achtereen.
See also (i.e.):
Biographies: Deil and History: Geography: From Gelre to Holland
Ik ben afgedwaald. Sedert de militaire situatie slechter was geworden, onze IV Divisie, ten noorden van den Rijn was teruggegaan en mijn linker flank dus open lag en hetzelfde het geval was met de troepen rechts van mij rondom Ochten, had ik mijn regiment naar alle kanten front doen maken, gelijk een egel en zoo wachtte ik de gebeurtenissen af.
Teruggaan neen en zeker niet vrijwillig!
   
Toen kwam dat verschrikkelijke bevel: "Het Bevel voor den Terugtocht." Ik moest natuurlijk gehoorzamen. Maar 't viel bitter hard.
Onder dekking van het Scherm vond de terugtocht in goede orde plaats. Het was een sombere, droefgeestige marsch. Op vele plaatsen zag men in het nachtelijk duister de vuurhaarden van brandende woningen. Herhaaldelijk werden onze colonnes, waarvan de afdeelingen op groote onderlinge afstanden moesten marcheeren, met mitrailleurvuur uit vliegtuigen bestookt. Het is wel aan de omstreeks 01.00 opkomende mist en grondnevels te danken geweest, dat slechts weinige verliezen werden geleden.
In den morgen van 14 Mei, omstreeks 6.00 bereikten na dezen langen en vermoeienden marsch van omstreeks 50 K.M. de eerste afdeelingen van mijn regiment Vianen.
(Top of Page)
< Previous (3) Next (5) >